Het geld van de toekomst/Een ‘eenvoudige’ vraag: verschil tussen versies

Uit Aardnoot
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
(aap)
 
(Nulde versie)
 
Regel 1: Regel 1:
aap
{{het geld van de toekomst
|previous=Hoofdstuk 2. Het geld van vandaag
|current=Een ‘eenvoudige’ vraag
|next=Waar komt het geheim van geld vandaan?
|page=55
}}
De bekendste econoom van de 20e eeuw, John Maynard Keynes, móét het geld hebben begrepen. Hij was immers de voorzitter van de groep mensen die ons huidige geldstelsel ontwierp en dat bekendstaat als de overeenkomst van Bretton Woods. Marcel Labordère, een Franse journalist, stelde in een brief aan Keynes: ‘Het is vanzelfsprekend dat de mens nooit zal kunnen weten wat geld is, evenmin als hij zal kunnen weten wat God is in de geestelijke wereld. Geld is niet het oneindige, maar het onbegrensde, een verbazingwekkend geheel van allerlei zowel psychologische als materiële reacties.’{{noot|1|37}}
 
Keynes’ antwoord aan Labordère is niet bewaard gebleven, maar we kunnen zijn mening opmaken uit zijn kwinkslag: ‘Ik ken slechts drie mensen die geld echt begrijpen. Een hoogleraar aan een andere universiteit, een van mijn studenten, en een nogal ondergeschikte bediende bij de Bank of England.’ Omdat hij een verstandig mens was noemde hij hen niet bij naam. Wat Keynes bedoelt is dat je weliswaar naar de allergrootste experts kunt gaan maar toch geen antwoord zult krijgen op de bedrieglijk eenvoudige vraag: ‘Wat ís geld?’

Huidige versie van 12 mrt 2009 om 10:49

Hoofdstuk 2. Het geld van vandaag

Het geld van de toekomst (55)
Bernard Lietaer

Waar komt het geheim van geld vandaan?

De bekendste econoom van de 20e eeuw, John Maynard Keynes, móét het geld hebben begrepen. Hij was immers de voorzitter van de groep mensen die ons huidige geldstelsel ontwierp en dat bekendstaat als de overeenkomst van Bretton Woods. Marcel Labordère, een Franse journalist, stelde in een brief aan Keynes: ‘Het is vanzelfsprekend dat de mens nooit zal kunnen weten wat geld is, evenmin als hij zal kunnen weten wat God is in de geestelijke wereld. Geld is niet het oneindige, maar het onbegrensde, een verbazingwekkend geheel van allerlei zowel psychologische als materiële reacties.’37

Keynes’ antwoord aan Labordère is niet bewaard gebleven, maar we kunnen zijn mening opmaken uit zijn kwinkslag: ‘Ik ken slechts drie mensen die geld echt begrijpen. Een hoogleraar aan een andere universiteit, een van mijn studenten, en een nogal ondergeschikte bediende bij de Bank of England.’ Omdat hij een verstandig mens was noemde hij hen niet bij naam. Wat Keynes bedoelt is dat je weliswaar naar de allergrootste experts kunt gaan maar toch geen antwoord zult krijgen op de bedrieglijk eenvoudige vraag: ‘Wat ís geld?’